About
Begrippen, werkwijze en grenzen.
Waarom
Samen effectief handelen, met ruimte voor eigen oordeel.
Fleet Principle wordt ontwikkeld vanuit één vraag: hoe kunnen verschillende onderdelen van een organisatie gezamenlijk effectief handelen, terwijl teams genoeg ruimte en verantwoordelijkheid houden om op hun eigen informatie en omstandigheden te reageren?
Initiatiefnemer is Guus Konings.
De zes dimensies
Zes invalshoeken, in samenhang bekeken.
- Koers
- Gedeelde prioriteiten en wat die betekenen voor keuzes. Bijvoorbeeld: Weet een team bij twee concurrerende verzoeken welke prioriteit zwaarder weegt?
- Autonomie
- Welke besluiten teams of medewerkers zelf kunnen nemen. Bijvoorbeeld: Kan een team een werkwijze aanpassen zonder voorafgaande toestemming?
- Kaders
- De grenzen, verantwoordelijkheden en voorwaarden waarbinnen gehandeld wordt. Bijvoorbeeld: Welke beslissingen mogen lokaal worden genomen, en wanneer wordt opgeschaald?
- Coördinatie
- Hoe afhankelijkheden tussen onderdelen worden opgelost. Bijvoorbeeld: Wat gebeurt er wanneer een beslissing van team A gevolgen heeft voor team B?
- Signalen & feedback
- Hoe relevante informatie wordt ontvangen, beoordeeld, gedeeld en teruggekoppeld. Bijvoorbeeld: Wat gebeurt er wanneer medewerkers herhaaldelijk hetzelfde probleem bij klanten zien?
- Aanpassing
- Hoe werkwijzen, besluiten of inrichting veranderen wanneer omstandigheden daarom vragen. Bijvoorbeeld: Kan een geslaagde lokale aanpassing ook elders in de organisatie tot verandering leiden?
De analyse draait niet om het maximaliseren van zes afzonderlijke scores, maar om hun onderlinge samenhang. Veel autonomie werkt bijvoorbeeld anders bij een heldere gezamenlijke koers dan bij onduidelijke prioriteiten.
Belofte versus praktijk
Wat een organisatie belooft, en hoe ze is ingericht.
Om de strategische waardebelofte te duiden, gebruikt de analyse het model van Treacy & Wiersema: operational excellence, klantgericht maatwerk of productleiderschap. Het Vlootprincipe onderzoekt vervolgens hoe de inrichting die belofte mogelijk ondersteunt of bemoeilijkt. Het is een aanvulling op dat model, geen vervanging.
Een website beschrijft wat een organisatie publiekelijk belangrijk zegt te vinden. Antwoorden beschrijven de ervaringen van de respondent. Geen van beide is op zichzelf bewijs van feitelijke prestaties.
Werkwijze
Hoe een uitkomst tot stand komt.
De analyse brengt antwoorden uit verschillende situaties met elkaar in verband en zoekt naar terugkerende patronen en combinaties van kenmerken. Eén antwoord leidt niet automatisch tot één harde conclusie.
Bij elke interpretatie probeert het rapport de onderbouwing zichtbaar te maken: op welke antwoorden en context ze rust, en welke alternatieve verklaringen denkbaar zijn waar de informatie dat toelaat.
Ontwikkelfase
Wat het assessment wel en niet kan zeggen.
- —De Fleet Principle Assessment is een prototype in ontwikkeling.
- —De indicatoren zijn beschrijvend en niet wetenschappelijk gevalideerd.
- —Eén respondent vertegenwoordigt niet automatisch de hele organisatie.
- —Een herkenbare uitkomst is nog geen bewijs dat de interpretatie klopt.
- —Interessante patronen moeten worden getoetst aan andere perspectieven en concrete situaties.